Terug naar overzicht

Mens

4 minuten leestijd

Sleutelpandje: Gaarkeuken Groningen

Via Amerika en Engeland bereiken we uiteindelijk dan toch weer Gaarkeuken.

%236%20gaarkeuken%20 %20inmessage

Een snotverkouden collega heet me die middag welkom in Gaarkeuken. Hoestend en proestend en met  een boerenzakdoek in de hand sluist ze me het sluisgebouw in. ''Neit op lettnn heur'' zegt ze opvallend opgewekt, en ik vraag of ze het interview ook op een andere dag wil. ''Wie motnn eerst mor eem koffie hemm''.  In een Gronings dialect neemt Gea Strobos me mee naar een kleine kantine. Het is een schutsluis, een sluis waarbij de schepen op peil worden gezet door een hoog en laag watersysteem middels een serie sluisdeuren. ''Van Stroobos?'' vraag ik Gea . ''Nee ik kom uit Zevenhuizen''.  We schijnen even  langs elkaar heen te spreken als ik aangeef dat ik zojuist door het plaatsje Stroobos ben gereden en Gea aangeeft dat dit haar achternaam is. De mannen boven maken de koffie  en voor ik het weet is Gea  via een vaste trap naar boven verdwenen om deze te gaan halen.

Als ik door het raam naar buiten kijk heb ik een mooi uitzicht over het Van  Starkenborghkanaal. De  brug staat open en enkele binnenschepen liggen te wachten tot ze verder kunnen. Het verkeer ligt als een doormidden geknipte rups  aan weerskanten  van de brug te wachten en groeit met de minuut langer. Hier en daar staan mensen  naast de auto en sommigen steken ongeduldig alvast een sigaret op. Het gaat nog wel  ff duren zo te zien. De rokers met hun neuswarmers  van tabak produceren blauwe sliertjes rook die al snel door de wind worden meegevoerd. Vroeger werden  de schepen met een zeil hier ook zo door de wind en de stroming meegevoerd. Alleen  bij windstilte, en wie er geld voor had,  werd geholpen door de inzet van een paard. Voortgetrokken door  1 paardenkracht, of heel soms door 2 mensen die zo hun kostje bij elkaar scharrelden,  gleed hier dan traag de binnenvaart voorbij. Want de handel ging door, de show must go on.

Aan de andere kant  van het kanaal is nog net op een bordje de naam Gaarkeuken zichtbaar. Of 'Goarkeuk'n'' zoals ze het hier op zn Gronings zeggen.  Deze naam verwijst naar een eet of drinkgelegenheid van weleer, een plek waar de pruttelpot dag en nacht aan scheen te staan. Schippers en handelslui strekten hier dan hun benen, en net als de paarden en de boten,  werden hier hun hongerige ''ruimen'' weer gevuld. Een klein beetje welvaart, inclusief een schipperswinkeltje, aan deze vaarroute van Delfzijl naar Lemmer, dat dan weer wel.

Ondertussen is Gea terug met de koffie en is ook Karin Heun de Objectleiding binnengekomen. Bijzonder hoe een  verhaal  soms tot stand kan komen.  Het  schijnt zichzelf dan  te schrijven zoals het zich aandient. Want een weinig feedback van de heren boven, wordt ruimschoots gecompenseerd door de dames beneden. Lacherig wordt er gevraagd wat ik wil weten. Iets van de geschiedenis van dit pand misschien? Hoe Gea stofzuigt en de ramen lapt? Iets over de bezemkast? De dames raken al schaterend op dreef. ''Hebben we hier ook een ezelsbruggetje voor  nodig?'' roept Karin lachend. ''Het t'kofschip  misschien?'' roep ik inhakend en wijs daarbij naar buiten. Lachend zegt Gea: ''Of, colour guard!?'' Een plotselinge stilte aan de koffietafel.  Karin en ik kijken met elk een grootvraagteken boven ons hoofd  naar Gea. ''O dat doet mijn zoon, dacht, d's wel een mooi woord'' zegt ze met een stalen gezicht. Alle drie proesten we het uit en lachen we tranen met tuiten, Gea duikt ondertussen weer in de zakdoek.  Ik vraag wat dat woord betekent en Gea doet uitleg van haar zoon zijn internationale flag spinnings avontuur. Het is iets met zwaarden, sabels en met  vlaggenzwaaien in een uniform. Via Amerika en Engeland bereiken we uiteindelijk dan toch weer Gaarkeuken. Een connectie die er in WWII ook is geweest, getuige het bombardement van de geallieerden op deze brug in 1944. De doorvoer van munitie en goederen van de Duitsers moesten hier namelijk gestopt worden.

Ook voor Asito stopt hier binnenkort dit schoonmaakavontuur. Want Rijkswaterstaat neemt net als vele andere, ook van dit object de schoonmaak in eigenbeheer over. Voor Gea veranderd er helemaal niets, misschien alleen de kleur van haar werkshirt dan. Ze werkt hier al jaren met heel veel plezier. Alleen een collega vervangt haar als ze met vakantie is, maar verder is ze hier kind aan huis.

De woorden van  Joost van den  Vondel kunnen het niet treffender afsluiten: De wereld is  een schouwtoneel, elk speelt zijn rol en krijgt zijn deel.  Gaarkeuken was deze middag even het centrum van de wereld, en is het misschien nog steeds wel, voor de zwijgzame mannen boven in de controle toren.

Auteur
Asito